'Wat ons bindt is meer dan wat ons scheidt'

Prof. dr. Barend Kamphuis vertelde in een eerder interview over zijn deelname aan de Stuurgroep van de Nationale Synode en over de Verklaring van verbondenheid, een idee van de Stuurgroep: “We hopen op 29 mei 2019 de herdenking van de Synode van Dordrecht te kunnen afsluiten met een Verklaring van verbondenheid tussen protestantse kerken en christenen, waarin we uitspreken dat we bij elkaar horen, elkaar willen steunen en van elkaar willen leren. We vroegen hem naar de herkomst van deze verklaring en naar wat het ondertekenen ervan betekent voor de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt en alle andere protestantse kerken in Nederland.

Het ontstaan van de verklaring
De Stuurgroep van de Nationale Synode ging bij het maken van de Verklaring van verbondenheid overduidelijk niet over één nacht ijs. Kamphuis: “Als ik terugzoek in mijn map ‘Nationale Synode’ zie ik dat al in 2014 voor het eerst in de Stuurgroep Nationale Synode het idee wordt geopperd een verbond van kerken te sluiten. In het voorjaar van 2016 is er een besloten vergadering geweest in Dordrecht met afgevaardigden van kerken die ons werk steunen. Toen heb ik op dat idee een toelichting gegeven en laten zien dat in de bijbel het verbond van God met mensen kan betekenen dat mensen ook met elkaar een verbond gaan sluiten: ze willen elkaar steunen in de dienst van God. Daar werd toen positief op gereageerd.”

De vrijgemaakte traditie
In het najaar van 2016 maakte Kamphuis die gedachte op de Nationale Synode in Dordrecht publiek en in 2017 mondde dat uit in de ‘Verklaring van verbondenheid’, waarvoor hij het concept schreef. Er zitten voor hem verschillende kanten aan dat schrijven. “Dat ik die bijdrage heb kunnen leveren zie ik enerzijds als een vrucht van de vrijgemaakte traditie waarin ik ben opgegroeid, waarin het verbond altijd een belangrijke rol heeft gespeeld. Ik heb in die lijn ook samen met mijn studenten een keer een project gedaan rondom het verbond, waarvan ik veel geleerd heb. Anderzijds zie ik het ook wel een beetje als het inlossen van een schuld van vrijgemaakte zijde. We hebben lang heel erg afwijzend gestaan tegenover andere kerken en tradities.”

Nadat Kamphuis het concept schreef, is het nog op allerlei manieren aangepast en uitgebreid. Dat gebeurde na gesprekken binnen de Stuurgroep en overleg met de betrokken kerken.

Wat ons bindt is meer dan wat ons scheidt
Waarom moeten we ons als protestantse kerken eigenlijk met zo’n verklaring aan elkaar verbinden? Er zijn onderling toch nog grote verschillen? “De deelnemende protestantse kerken spreken in de verklaring uit dat ze zich aan elkaar verbonden weten: ‘Wij horen bij Christus en daarom bij elkaar’. Daarom sluiten we een verbond voor het aangezicht van God. We erkennen dat er grote verschillen onderling zijn, die we niet willen bagatelliseren, maar wat ons bindt is meer dan wat ons scheidt. In de verklaring staat ook: ‘Wij spreken uit dat wij elkaar liefhebben en op elkaar rekenen en dat wij bereid zijn elkaar te helpen. In het verleden hebben wij vaak langs elkaar heen geleefd. Wij leven nu in een totaal andere tijd, waarin christen-zijn betekent tot een minderheid in ons land te horen. Wij verootmoedigen ons en wij verklaren dat wij elkaar blijvend zullen zoeken.’ Daarbij wordt uitdrukkelijk verwezen naar de oude christelijke kerk en de geloofsbelijdenis van Nicea; in die lijn willen we staan.

Steun van veel kerken
In de afgelopen anderhalf jaar zijn gesprekken gevoerd met een groot aantal kerken en groepen over de Verklaring van verbondenheid en de komende maanden zullen naar verwachting nog een aantal van die gesprekken volgen. Bij velen hebben we vaak enthousiaste steun gevonden. De Protestantse Kerk, de GKv, Baptisten, Evangelischen en vele anderen zijn tot ondertekening bereid. Ook en juist migrantenkerken zijn heel positief. Helaas zijn er ook een aantal kerken, vooral reformatorisch-bevindelijk, die niet mee willen doen.

Op weg naar ondertekening
Als je met zoveel mensen iets samen wilt uitspreken, komt er ook veel waardevolle inbreng. Het is wel moeilijk om overal recht aan te doen. Dat zou de tekst erg uitgebreid maken, en soms ook tegenstrijdig. Daarom willen we met alle kerken die meedoen op 4 februari 2019 in de aula van de Theologische Universiteit in Kampen een vergadering beleggen, waarop we definitief de knopen doorhakken, zodat we samen kunnen zeggen: ‘Dit is onze tekst’.

Uiteindelijk hopen we dan op 29 mei 2019 in de Grote Kerk in Dordrecht een ceremonie te kunnen houden voor de gezamenlijke ondertekening. De details van die ceremonie worden momenteel uitgewerkt. Dat is dan tegelijk de afsluiting van de herdenking van de grote Synode van Dordrecht 1618-1619 en het begin van het einde van het werk van de Stuurgroep Nationale Synode.” Kamphuis vertelt ook wie de verklaring namens de GKv hoopt te ondertekenen: “Ds. Melle Oosterhuis is gevraagd dat te doen. Hij was de praeses van de laatste Generale Synode van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt. Hij heeft dat toegezegd. Ik vind het heel mooi dat hij daartoe bereid is. Het laat zien dat onze kerken zich echt willen inzetten voor de relatie met andere christenen.

Al deze plannen maken we in het besef dat we daarbij afhankelijk zijn van Gods zegen. Tegelijk zeg ik: we hebben in de afgelopen jaren al veel zegen van God ervaren op ons werk en we vertrouwen dat Hij daarin ook verder met ons zal zijn.”

Ondertekenen, en dan…
Kamphuis ziet de consequenties van het ondertekenen van de Verklaring van verbondenheid vooral als consequenties van morele aard. “Na deze verklaring kunnen we elkaar als protestantse kerken en christenen in Nederland niet meer negeren of afschrijven. Een concrete afspraak is dat we de komende vijf jaar jaarlijks één dag als vertegenwoordigers van de betrokken kerken zullen samenkomen om de eenheid te vieren en te bevorderen. Bovendien zullen we het contact op het grondvlak stimuleren. De Stuurgroep zal deze samenkomst de eerste keer nog beleggen, daarna is het aan de kerken zelf.

Persoonlijk zou ik het mooi vinden als in het vervolg ook met kerken uit andere tradities nauwere banden kunnen worden aangegaan. We hebben ons als Stuurgroep willen beperken tot het protestantisme. Je moet immers ergens beginnen en juist daar heeft de verdeeldheid ook heel erg toegeslagen. Vanaf het begin zijn echter ook waarnemers uit bijvoorbeeld de Rooms-katholieke en Oudkatholieke kerk bij onze samenkomsten aanwezig geweest. Ik hoop dat het mogelijk zal zijn in de toekomst ook die contacten verder uit te bouwen.