Menu

Deputaten m/v en ambt vinden het tijd dat kerken koers kiezen

De Generale Synode heeft op 19 mei 2017 in een eerste publieke besprekingsronde gesproken over de voorstellen gedaan door deputaten M/V en ambt. Maar liefst 25 van de 32 afgevaardigden voerden het woord en de meesten van hen gaven een duiding hoe zij in het proces van besluitvorming staan. Er waren nog wel vragen, maar de meeste sprekers gaven een breder oordeel over de inhoud van het deputatenrapport. Dat leverde toch een veelheid aan gezichtspunten op.

De deputaten reageerden daarop. De voorzitter van het deputaatschap, Avelien Haan-Kamminga, was dankbaar voor het open gesprek dat plaatsvond (“ik zie meer dat ons bindt dan dat ons scheidt’), en de wil om elkaar vast te houden. Namens het deputaatschap reageerde zij op vragen en opmerkingen over de urgentie van de besluitvorming. “Het is echt tijd, dat de kerken een koers kiezen,” zo stelde zij. Deputaat Kees de Ruijter zag de gezamenlijke zoektocht door de Schrift heen als een ‘identity mark’ voor de wijze waarop de GKv met dit onderwerp omgaan. De Schrift wijst twee lijnen aan die leiden tot geen helder pro-standpunt maar ook tot een onhelder contra-standpunt. We staan dus voor een lastige vraag die strijd kan opleveren, maar we moeten het contrast ook niet groter maken dan nodig. De Ruijter ging ook in op de invloed van de cultuur. “Een spannend onderwerp,” zo meende hij. “Denk er niet te licht over, cultuur is geen jas die je aan en uit kunt doen.” Deputaat Erik de Boer beantwoordde vragen rond de ambten en Jannet de Jong-Wilts ging nader in op de vraag hoe de roeping van ambtsdragers binnen de kerken functioneert.

Na afronding van de bespreking gingen alle synodeleden, deputaten en toehoorders in groepen van zes uiteen om dit onderwerp in kringgebed aan de Here op te dragen.

Tijdens een evaluatieronde bleek dat er nog de nodige vragen leven bij de synodeleden. Moderamen en synodecommissie beraden zich daar op korte termijn over. Op 2 juni zal de GS over dit onderwerp verder spreken.

Meer weten over de inhoud van het rapport? Kijk dan de documentaire ‘Samen dienen’.

Onderwerp homoseksualiteit roept veel discussie op bij GS

Door de classis Hardenberg werd een zogenaamde ‘quaestio’ (vraagstelling) op de tafel van de generale synode gelegd inzake de plaats van de homoseksueel geaarde broeder en zuster in de gemeente. In de eerste besprekingsronde kwam er veel aan bod: vragen over een adviesbrief van prof. dr. Ad de Bruijne; wel of geen studiedeputaatschap; pleidooien voor pastoraal maatwerk in de plaatselijke gemeenten; en een ordevoorstel van ds. Ruard Stolper om besluitvorming op te schorten, tijd van studie en overleg te nemen en er na de zomer op terug te komen.

De Bruijne, bezig met een boek over dit onderwerp, voelde een zekere verlegenheid om te reageren. Hij toonde zich geen voorstander van een studiedeputaatschap, omdat er al heel veel studie is gedaan en nieuwe antwoorden moeilijk maakbaar zijn. Hij zag het beantwoorden van de ethische vragen als een grote uitdaging. Wat is homoseksualiteit? Welke positieve roeping zit er in het eigen leven en in het leven als gemeentelid van de homoseksuele broeder of zuster? De ‘quaestio’ legt een veel groter probleem op tafel dan door de classis is geformuleerd.

Het ordevoorstel van Stolper werd met 29 stemmen voor en 2 onthoudingen aangenomen in die zin, dat een door het moderamen aan te wijzen synodecommissie zich zal buigen over een pastorale handreiking die later in het jaar aan de GS zal worden voorgelegd.

Geregistreerd partnerschap steeds vaker onderwerp op kerkenraadstafels

Tijdens de bespreking van het rapport van de deputaten Relatie Kerk en Overheid kwam ter sprake, dat kerkenraden steeds vaker worden geconfronteerd met broeders en zusters, die geen burgerlijk huwelijk sluiten, maar een geregistreerd partnerschap aangaan. Deels wordt deze ontwikkeling ingegeven door het uithollen van het burgerlijke huwelijk door de overheid. Deputaat Ad de Bruijne schetste achtergronden en wees erop dat kerkenraden gebruik kunnen maken van het rapport, dat het deputaatschap heeft geschreven over de kerkelijke huwelijksbevestiging in relatie tot de door de overheid afgesloten huwelijken en geregistreerde partnerschappen. De GS ging unaniem akkoord met de voorgestelde besluiten.