Menu

E62 meerdere vergaderingen
E62.1 De kerken komen in het verband van de Gereformeerde Kerken in Nederland samen in classes, particuliere synodes en de generale synode.
E62.2 Deze meerdere vergaderingen behandelen evenals de kerkenraden alleen kerkelijke zaken en doen dat op kerkelijke wijze.
E62.3 Zij stellen een regeling vast voor hun werkzaamheden met inachtneming van de hun door de kerkorde opgedragen taken.
E62.4 De ambtsdragers die naar een meerdere vergadering worden afgevaardigd, hebben opdracht en bevoegdheid te handelen en te besluiten in gebondenheid aan de Bijbel, de belijdenis van de kerk en de kerkorde.
E62.5 Na behandeling van hun agenda worden de meerdere vergaderingen gesloten en eindigt de bevoegdheid van de afgevaardigden.
E62.6 De meerdere vergaderingen kunnen zich laten bijstaan door deputaten, die met uitvoerende taken worden belast en nieuwe besluitvorming voorbereiden.
E62.7 Elk deputaatschap ontvangt een instructie voor zijn taken en bevoegdheden.
Model voor een classicale regeling van werkzaamheden (pdf)
Model voor een classicale regeling van werkzaamheden (doc)
Huishoudelijke regeling generale synoden met bijlagen

E63 classis
E63.1 De kerken in een classis komen ten minste vier keer per jaar in vergadering bijeen.
E63.2 Uit elke kerk worden de predikant en een ouderling afgevaardigd. Zijn er meer predikanten aan een kerk verbonden, dan gaan zij bij toerbeurt. Waar een predikant ontbreekt, neemt een ouderling zijn plaats in.
E63.3 Predikanten die niet zijn afgevaardigd wonen zoveel mogelijk de vergadering bij en hebben adviserende stem.
E63.4 In de classis ontmoeten de kerken elkaar voor onderlinge steun en advies en zien zij op elkaar toe.
E63.5 De classis is verder bevoegd om te handelen over alle zaken waarvan de kerken eerder afgesproken hebben ze gezamenlijk te behartigen.
Generale regeling tot instelling van het deputaatschap voor advies en bijstand aan classes – instructie

E64 naburige kerk
E64 De classis wijst voor elke kerk in de classis een andere classiskerk aan als naburige kerk. De kerkenraad van de naburige kerk is belast met de taken die hem door of krachtens de kerkorde worden opgedragen.

E65 kerkvisitatie
E65.1 Jaarlijks vindt namens de classis in elke kerk de kerkvisitatie plaats.
E65.2 De visitatie is gericht op het adviseren, aansporen en vermanen van de ambtsdragers met het oog op de opbouw van de gemeente en de vrede tussen de kerken.
E65.3 Voor de visitatie stelt de classis een college van visitatoren aan, waarvan de taken en de werkwijze worden vastgelegd in een regeling.
E65.4 Desgevraagd bieden visitatoren hulp bij moeiten of conflicten in een gemeente.
Model voor een classicale regeling voor de kerkvisitatie (pdf)
Model voor een classicale regeling voor de kerkvisitatie (doc)

E66 particuliere synode
E66.1 De particuliere synode wijst de afgevaardigden naar de generale synode aan. Zij is verder uitsluitend belast met de kerkelijke rechtspraak volgens art. F76.
E66.2 Er zijn vier particuliere synodes. De ressorten worden vastgesteld door de generale synode.
E66.3 Elke classis vaardigt een predikant en een ouderling af naar de particuliere synode.
Handreiking liquidatie particuliere synodes oude stijl (pdf)
Generale regeling voor de particuliere synode

E67 generale synode
E67.1 De kerken komen eens in de drie jaar samen in een generale synode.
E67.2 In buitengewone omstandigheden kan de generale synode vervroegd worden samengeroepen op verzoek van tenminste twee classes.
E67.3 Elke particuliere synode vaardigt vier predikanten en vier ouderlingen af naar de generale synode.
E67.4 In de generale synode komen alle kerken bijeen ter regeling van de zaken:
a. die de kerkorde daarvoor aanwijst, of
b. die in de classes niet konden worden afgehandeld, of
c. waarvan door de kerken eerder is afgesproken om die gezamenlijk in de generale synode te behartigen.

E68 bijzondere kerkelijke organisaties en kerkelijke instellingen
E68.1 De kerken kunnen voor speciale doeleinden, zoals voor missionair werk of kerkelijke beheerszaken, samenwerken in bijzondere kerkelijke organisaties.
E68.2 Een meerdere vergadering kan voor de uitvoering van haar taken of voor het werk in de kerken een kerkelijke instelling in het leven roepen.
E68.3 Zowel voor een bijzondere kerkelijke organisatie als voor een kerkelijke instelling wordt een rechtsvorm gekozen binnen de mogelijkheden die art. 2:2 van het Burgerlijk Wetboek daarvoor biedt. Hun bestuur en beheer wordt geregeld bij statuut.
E68.4 De bijzondere kerkelijke organisaties en de kerkelijke instellingen houden zich aan de kerkorde en de regelingen en besluiten van de meerdere vergaderingen.
Handreiking oprichting bijzondere kerkelijke organisaties en instellingen (pdf)

E69 andere kerken in Nederland
E69.1 De kerken werken in relaties met andere kerkgemeenschappen aan kerkelijke eenheid die in Gods Woord en de gereformeerde belijdenis is verankerd.
E69.2 De kerkenraden dragen bij contact en samenwerking met andere kerken zorg voor goede communicatie met de gemeente en met de classis. Bij gewichtige beslissingen is de instemming van de gemeente en de goedkeuring van de classis nodig, een en ander volgens de generale regeling.
E69.3 Wanneer een samenwerkingsgemeente tot stand komt, bepalen de kerkenraden gezamenlijk welk kerkelijk recht van toepassing zal zijn.
E69.4 In contacten met kerken en groepen waarmee nog geen overeenstemming in geloven en belijden bestaat, komen de kerken op voor de gezonde bijbelse leer.
E69.5 De kerken tonen betrokkenheid bij gemeenschappen van christenen die zich van buiten Nederland hier hebben gevestigd.
Generale regeling voor de vorming van een samenwerkingsgemeente
Generale regeling voor plaatselijk contact en samenwerking met een Christelijke Gereformeerde Kerk
Generale regeling voor plaatselijk contact en samenwerking met een Nederlands Gereformeerde Kerk
Generale regeling voor plaatselijk contact en samenwerking zonder landelijke overeenstemming

E70 kerken buiten Nederland
E70.1 De kerken onderhouden naar vermogen oecumenische betrekkingen met kerken van gereformeerde belijdenis in het buitenland, gericht op geestelijke ontmoeting, bemoediging en hulp. Zij respecteren daarbij de eigen historie en context van elke kerk.
E70.2 Met kerken waarmee bijzondere banden bestaan kan door de generale synode een zusterkerkrelatie worden aangegaan, die wederzijdse aanvaarding van elkaars leden en predikanten inhoudt.
E70.3 De kerken kunnen participeren in internationale kerkelijke verbanden, organisaties en instellingen.
Generale regeling voor het aangaan en onderhouden van relaties met kerken in het buitenland